tips

Hieronder vind je de meest actuele tips. Wet- en regelgeving, maar ook rechtspraak, ontwikkelen zich zeer snel. Bel 06 52 38 20 89 of mail mij daarom eerst even als je concreet met een tip aan de slag wilt. 

Belastingvoordeel 2026 voor milieuvriendelijke investeringen

Belastingvoordeel 2026 voor milieuvriendelijke investeringen

Voor 2026 trekt de overheid € 155 miljoen uit voor de Milieu-investeringsaftrek (MIA) en de Willekeurige afschrijving milieu-investeringen (Vamil). Hiermee krijgen ondernemers belastingvoordeel als zij investeren in een van de ruim 200 innovatieve en milieuvriendelijke technieken die op de Milieulijst 2026 staan. Op de lijst staan een aantal nieuwe innovatieve technieken. Voor enkele investeringen die al op de Milieulijst stonden, zijn de mogelijkheden uitgebreid.

Met het belastingvoordeel van de MIA/Vamil maakt de overheid investeren in innovatieve, milieuvriendelijke bedrijfsmiddelen extra aantrekkelijk. Jaarlijks doen bedrijven voor € 3 tot 5 miljard aan milieu-investeringen een beroep op de MIA/Vamil. De Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) voert de regelingen uit.

Investeringen waarvoor ondernemers via de MIA/Vamil belastingvoordeel kunnen krijgen, staan op de Milieu- en Energielijst 2026. Deze krijgt ieder jaar een update: vergeleken met 2025 staan er 12 nieuwe innovatieve investeringen op de lijst, zijn 78 investeringen gewijzigd en 27 investeringen verwijderd. Wat zijn de opvallendste wijzigingen?

 

1 Verkeer en vervoer (mobiliteit)
U krijgt nu ook belastingvoordeel voor:

  • een elektrische maaiboot (E 3351).
  • een mobiele reinigingsinstallatie voor rijplaten op een truckchassis (E 3421).
  • een elektrische funderingsmachine ( E 3422).
  • elektrische bakfietsen (D 3119 en F 3120) die u gebruikt voor het vervoer van dieren.
  • oplaadkluizen (F 3211) die u gebruikt voor het opladen van elektrisch (hand-) gereedschap.

U krijgt geen belastingvoordeel meer voor:

  • een oplaadpunt voor elektrische zware voertuigen en mobiele werktuigen (F 3721). Hiervoor kunt u de Subsidieregeling Private Laadinfrastructuur bij bedrijven (SPRILA) gebruiken.
  • walstroomaansluitingen (G 3390 en G 3395).
  • fouling release systemen (B 3332). 

Het is in 2026 niet meer mogelijk MIA en Vamil te combineren met de volgende subsidies:

  • Subsidie Schoon en Emissieloos Bouwmateriaal (SSEB).
  • Subsidieregeling Waterstof in mobiliteit (SWIM).

Daarnaast veranderen een aantal voorwaarden voor belastingvoordeel op:

  • elektrische bussen (A 3108). U krijgt alleen nog belastingvoordeel voor T100 touringcars die 100 kilometer per uur mogen rijden.
  • elektrische mobiele werktuigen. Het bedrag waarvoor u in 2026 belastingvoordeel krijgt, is verhoogd naar 90% van het investeringsbedrag. Het minimale investeringsbedrag is € 25.000 

 

2 Grondstoffen- en watergebruik
U krijgt nu ook belastingvoordeel voor: 

  • een toiletreinigingssysteem dat kalkaanslag en ander vuil verwijdert door ultrasone trillingen (A 1222).
  • herbruikbare afdekhoezen voor het vastzetten van lading voor transport op pallets en rolcontainers (D 1265). Door een verplichte terugnamegarantie stimuleren we producenten om afdekhoezen een langere levensduur te geven.
  • een voorziening voor het inzamelen van verfresten en spoelwater met een registratiesysteem (F 1703). Door een wasstation met spoelwaterrecycling te gebruiken, kunt u schildergereedschappen beter hergebruiken.

 

3 Voedselvoorziening- en landbouwproductie
U krijgt nu ook belastingvoordeel voor:

  • een UV-gewasbeschermingsinstallatie op een glastuinbouwbedrijf (D 2132).
  • een installatie voor organische nitraatproductie op een glastuinbouwbedrijf (F 2151).
  • een automatisch meetsysteem voor ammoniakemissie in een stal (F 2207).
  • luisdicht insectengaas voor pootaardappelen (B 2337).
  • een CO₂-vervloeiingsinstallatie (D 2654).

U krijgt geen belastingvoordeel meer voor:

  • een autonome mestverzamelrobot (B 2213), een ruwvoermengsysteem voor herkauwers (A 2218) en mulch-apparatuur (A 2375). U krijgt hiervoor geen belastingvoordeel meer, omdat deze technieken nu gangbaar zijn. U krijgt nog wel belastingvoordeel voor mestverzamelrobots die u gebruikt in huisvestingssysteem HA 1.38 onder bedrijfsmiddel F 2206.
  • tanks, trekkende of dragende voertuigen bij plaatsspecifieke bemestingsapparatuur (E 2322) of bij een spuitmachine met detectie voor plaatsspecifieke toediening (B 2324). Alleen voor apparatuur die u gebruikt voor precisiebemesting of bespuiting, krijgt u nog belastingvoordeel.

Ook veranderen een aantal voorwaarden voor belastingvoordeel op:

  • duurzame stallen. Een aantal huisvestingssystemen is uit de maatlat (MDV16) verwijderd. Daarmee vervallen een aantal extra voorwaarden rondom grondgebondenheid en het aantal dierplaatsen in de omschrijving van de stallen.
  • biologische melkvee- en pluimveestallen (B 2201). U krijgt alleen nog belastingvoordeel voor huisvestingssystemen waarvan uitstootvermindering (emissiereductie) is bewezen of zeer waarschijnlijk is.
  • een stofemissiereducerende techniek voor een pluimveestal (D 2235).

 

4 Klimaat en lucht
U krijgt nu ook belastingvoordeel voor:

  • stookinstallaties met een thermisch vermogen van meer dan 50 megawatt, onder een selectieve katalytische reductie-installatie (D 4315).
  • aggregaten op biopropaan voor stroomvoorziening van lokale activiteiten (F 4317). Aggregaten op biogas kregen al belastingvoordeel.
  • klimaatsystemen met dauwpuntkoeling (E 4241). De mogelijkheden om klimaatsystemen met dauwpuntkoeling te drogen, zijn uitgebreid.

Ook veranderen voorwaarden voor belastingvoordeel op:

  • hoogspanningsschakelsysteem of gasgeïsoleerde leiding met een laag GWP-isolatiegas (A 4210). Alleen voor systemen voor het doorschakelen of het transport van hoogspanning van minimaal 146 kilovolt, krijgt u voortaan belastingvoordeel.

 

5 Bouw (gebouwde omgeving) en klimaatadaptatie
U krijgt nu ook belastingvoordeel voor:

  • onkruidbestrijdingsmachine voor verhard oppervlak op basis van hoogspanning (A 5151).
  • het verzamelen en afvoeren van zwerfafval op het land (kustgebieden en binnenwateren), dat valt onder bedrijfsmiddel F 5121.

Daarnaast veranderen voorwaarden voor belastingvoordeel op investeringen in:

  • Voor alle gebouwen op de Milieulijst geldt dat een vakbekwame EP-U/D adviseur de BENG-berekeningen moet opstellen.
  • BREEAM- en GPR-gebouwen met industriefunctie. Voor deze gebouwen is het maximale bruto vloeroppervlak waarvoor u belastingvoordeel krijgt, verhoogd van 5.000 vierkante meter bvo naar 7.000 vierkante meter bvo.
  • circulaire gebouwen en woningen (G 5200 en G 5202). Het belastingvoordeel van MIA richt zich op innovatieve circulaire gebouwstrategieën. Voor strategie 1c (losmaakbaarheid) let RVO op niet-traditionele bouw. Daarom koppelt RVO deze eis aan de Losmaakbaarheidsindex (Li). Ook is de MPG-eis voor woningen aangepast: de hoogte van de MPG-eis berekent RVO aan de hand van het gebruiksoppervlak.
  • Heeft u een MIA-aanvraag gedaan voor een circulair gebouw of circulaire woning? Dan mag u voor de kosten voor het biodivers en klimaatrobuust inrichten van het bijbehorende bedrijfsterrein, een aparte aanvraag indienen. Dit geldt voor de bedrijfsmiddelen in paragraaf 5.1 en 5.3. Voor duurzame gebouwen volgens BREEAM of GPR mag dit niet. Hier blijft gelden dat u voor de terreinkosten geen aparte aanvraag mag indienen.
  • vergroenen van bedrijfsterreinen (E 5341). Hiervoor gelden maximale bedragen per vierkante meter.

Tip: De Milieulijst 2026 vindt u op de website van RVO.